 |
Eindelijk hebben we vanaf Bonaire een echte vakantie geboekt. Het was de meest zuidelijke vakantie (eindelijk op het zuidelijk halfrond!) met de grootste insecten en spinnen, de hoogste bomen, de meeste verschillende bedden (7), het grootste temperatuurverschil (van ongeveer -5 tot 30 graden), het grootste hoogteverschil (0 – 4850 meter), de meeste dagen in het donker opstaan (vóór 6 uur dus, bijna de hele vakantie), de langste vertraging (15 uur), de kortste reis (de terugreis duurde 2 uur 10 min) en de minste vis (behalve de forel op ons bord hebben we eigenlijk geen enkel exemplaar gezien). Dat kan natuurlijk niet in een kort verslagje worden samengevat, dat begrijp je. Je bent dus gewaarschuwd! Weet waaraan je begint… |
|
Ons eerste hotel in Ecuador was gelegen in het oude gedeelte van de enorm uitgestrekte stad Quito. Met 2850 meter hoogte is Quito de op één na hoogst gelegen hoofdstad ter wereld. In de avond wordt het daarom het hele jaar door erg fris, ondanks het feit dat de stad zich nagenoeg op de evenaar bevindt. Het viel ons daarom des te meer op dat in het hotel geen verwarmingen te vinden waren – vrij normaal voor deze omgeving, zo bleek later. Het was om die reden een kleine oncomfortabele tegenvaller dat het warme douchewater net wat minder koud dan het koude water. |
 |
Een taxiritje bracht ons naar een hooggelegen uitzicht punt waar we een prachtig panorama hadden van een kraterdal. Van daaraf ging ons tochtje terug naar ‘mitad del mundo’ – eerst naar de echte evenaar (GPS 0.0.0) en daarna brachten we een bezoekje aan het oorspronkelijke museum waarvan men lang heeft gedacht dat de evenaar zich daar bevond, 250 meter verder. Na een wandeling en vermakelijke experimenten vervolgden we onze weg door het gigantische Quito terug naar ons hotel. We zijn EINDELIJK op het zuidelijke halfrond terecht gekomen! |
 |
Na een wandeltochtje door enkele straten van de oude stad – bijzonder vermoeiend door de hoogte – gingen we met de taxi naar restaurant Mosaico, bekend vanwegen het uitzicht over de stad. Dat het een Grieks restaurant betrof was wat ons betreft geen bezwaar en dat het eigenlijk wel erg koud was voor een etentje op een buitenterras evenmin. Onze adem was te zien ondanks een adembenemend uitzicht. Men spreekt van een romantische eetgelegenheid, wat zich volgens ons laat verklaren door het feit dat je met die temperatuur het beste heel dicht tegen elkaar aan kunt zitten. |
|

|
Om vooral veel van de dag te kunnen genieten – ahum – stonden we een dag later om 03:30 op om richting luchthaven te vertrekken. Een vluchtje met VIP richting Lago Agrio stond op de planning om ons in de buurt van het Amazonewoud te brengen. Een lekker ontbijtje maakte het wachten wat aangenamer. Bij aankomst regende het behoorlijk, maar na de bustocht richting het natuurgebied was de lucht volledig opgeklaard en konden we tijdens onze kanotocht naar de lodge genieten van prachtige grote vlinders, verschillende soorten aapjes, vele vogels en de indrukwekkende vegetatie. Na de installatie in ons onderkomen zonder elektriciteit (eco = gezellig alles bij kaarslicht) gingen we op pad met een groepje voor ons eerste kanotripje wat werd afgesloten met zwemmen in de ‘Lagun Grande’ voor de liefhebbers, een geweldige zonsondergang aldaar en een zoektocht naar Kaaimannen, wat beloond werd door de vondst van een Kaaiman-peuter. Bij terugkomst in de lodge stond het niet zo heel smakelijke eten voor ons klaar en de avond sloten we af met een kort samenzijn-in-kaarslicht. |
 |
De tweede dag werden we wakker met benzinedampen (de kano’s en de aggregaat om batterijen op te laden werden gevuld). Na het ontbijt ontdekten we een groepje Rode Brulapen – na de Squirrel, de Capuchin, de Spider en de Saki monkeys van de dag ervoor kwamen we daarmee op de vijfde gespotte apensoort. Deze dag gingen we op pad voor een flinke wandeltocht waarbij we door de zeer hoge waterstand behoorlijk wat modder moesten trotseren en onverwachte waterwegen te doorkruisen hadden met onze charmante rubberboots. Voor die dag stond ook piranha-vissen op het programma. Gelukkig had men voor het eten niet gerekend op een goede vangst! Op pad naar onze cabana om te gaan pitten troffen we nog een Amazon Tree Boa op de trap – onverstoorbaar, dus konden wij na enkele foto’s onze weg naar bed voortzetten. |
|


|
Het was inmiddels eerste paasdag en tevens mijn verjaardag. Het lekkere ontbijtje was deze keer niet door Maarten klaargemaakt (er zat dan ook geen perfect gekookt eitje bij). Voor deze dag was een bezoek aan de Sjamaan en een dorp van de commune gepland, evenals een nachtwandeling. Tijdens de kanotocht op weg naar het dorp ontdekten we de Pink Dolphin en we zagen ook een 600 jaar oude Amazon Tree. Het mooie weer zat ons nog steeds mee – het had de weken ervoor erg veel geregend en wij hadden de eerste droge dagen te pakken. Het bezoek aan de Sjamaan was interessant en in het nabij gelegen dorp leerden we cassave oogsten en daar brood van maken. Op de terugweg zagen we de hooggeplaatste nesten van de army wasps en werden we verrast door een GROTE Kaaiman – zeker 4 meter – die langs de route lag te luieren. Helaas verdween het beest best ver de begroeiing in, zodat we slechts ogen en ‘eilandjes’ boven het wateroppervlak zagen. Het eten was na de eerste dag alleen maar beter geworden en met een goed gevulde maag gingen we tenslotte op pad voor een super spannende nachtwandeling! Nog nooit zagen we zulke grote krekels, sprinkhanen, spinnen, kevers en ander gespuis! Langzaam verplaatsten we ons en steeds kwam weer een ander beest in een van de lichtbundels terecht om te worden onderworpen aan enkele fotoshoots. Lekker zo’n laatste wandelingetje voor het slapen gaan. Je zou d’r nachtmerries van krijgen zeg… |
|
De laatste Amazone-dag werden we om 05:00 uur gewekt voor een ‘Early birds kanotocht’. Onze – inmiddels favoriete – gids wist ons vele exemplaren te wijzen én we ontmoetten nog 3 pink Dolphins! Na een laatste ontbijt genoten we nog van de kanotocht terug, zagen dat het water bijna 1 meter gedaald was in die drie dagen, en de bus bracht ons naar de plaats waar we afscheid namen van de groep. Op weg naar de volgende etappe: Quito voor een nachtje... |
 |
Dachten we. Het vliegtuig arriveerde echter niet, dus bleven we een nacht in een hotel in Lago Agrio. Samen met enkele andere gestrande vakantiegangers, Ele, Eugen, Thomas en Lisanne, hebben we een leuke avond doorgebracht én…. om 5 uur kregen we de wake up call alweer zodat we om 6 uur richting luchthaven konden vertrekken. Echter nog steeds geen vliegtuig. Een ontbijt kon op verzoek van Lisanne nog wel geregeld worden, maar langzaamaan liep ons volgende project gevaar: zouden we nog op tijd komen voor onze reis naar de Cotopaxi vulkaan? Uiteindelijk vertrokken we rond 9 uur met een vliegtuigje van een andere maatschappij – de stoelen op onze boarding passes bestonden niet – met een vertraging van 15 uur mooi op tijd om volgens planning onze vakantie voort te zetten. We hadden zelfs nog tijd om in Quito naar een marktje te snellen om voor $9 twee broeken te kopen. |
 |
De rit naar de Cotopaxivulkaan was via de ‘laan de vulkanen’. Het weer was inmiddels ‘minder vriendelijk’ geworden; afwisselend miezeren en regenen – jakkes. We arriveerden bij een prachtige haciënda: El Porvenir. Het was erg koud, maar prachtig en zeer sfeervol – zowel binnen als buiten. Die middag hebben we een kleine wandeling in de directe omgeving gemaakt (het was inmiddels droog) en maakten kennis met de hond, paarden, koeien en lama’s, zagen prachtige bloemen en oude bomen en maakten mee hoe de wolken de omgeving in beslag namen. Langzaam werden ons de effecten duidelijk van onze verplaatsing in enkele uren van 0 naar 4000 meter hoogte (vergelijk: in Europa is op 3200 meter de ‘eeuwige sneeuw’ te vinden). Hoogteziekte; hoofdpijn, misselijkheid en algehele vermoeidheid. Een nachtje Quito op tussenhoogte was niet voor niets gepland. De warme canelazo (kaneeldrankje) en de knappende open haard doet een mens in die situatie veel goed, maar niet genoeg. De thee van cocablaadjes gaf wat verlichting, zodat in ieder geval de broodnodige brandstof naar binnen gewerkt kon worden. Het feit dat de maaltijd bijzonder lekker was, hielp natuurlijk ook een handje mee. Gelukkig zouden we pas de volgende dag aan de klim van de Cotopaxi beginnen, na een nachtje rust en nog een heerlijk ontbijt. Normaal gesproken houdt die klim in dat je op 4500 meter op de parkeerplaats start, op 4800 meter bij Refugio even tot rust komt van deze zware wandeltocht en geniet van het uitzicht op de Cotopaxi vulkaan en dan nog 200 meter stijgt tot aan de sneeuw. Dan onze tocht: we startten de taxirit met motregen en regen. Dat werd na enige tijd sneeuw. Bij aankomst op de parkeerplaats lag daar al een aardige witte deken en het sneeuwde nog steeds (thuis – en zelfs ook in Nederland – was het heerlijk warm). Wij hadden een aardige uitdaging voor de boeg en de hoogteziekte was nog niet echt minder geworden. Vast besloten om de tocht te volbrengen startten we met regenponcho, zonnebril, water en camera-uitrusting onze wandeling. 16 stappen, rust. 10 stappen, rust. 4 stappen, rust. Puf, hijg… Wat coca-thee en verder. Halverwege iets langer pauze. Onderweg zagen we nog een Andes vos. De gids zal wel een sik van ons hebben gekregen, zeker omdat we écht Refugio wilden halen. En dat is gelukt!!! Met de tong op de schoenen en de hartslag voelbaar in de keel arriveerden we daar. Gelukkig hoefden we geen 200 meter verder om bij de sneeuw te komen We hebben uiteindelijk 3 uur gedaan over de heen- en terugweg. Dit wordt normaal gesproken in de helft van de tijd gedaan. De Cotopaxi hebben we overigens helemaal niet gezien… Als die vulkaan écht bestaat, bevond deze zich achter de sneeuwwolken... |
|
Na een enerverende rit vanaf de parkeerplaats naar beneden vervolgden we via zandwegen onze weg. Een keer werd de weg doorkruist door een riviertje van ongeveer 10 meter breed, dat op weg was naar een verderop gelegen dal. Een tweewiel aangedreven auto bleef wachten, de 4x4 waarin wij zaten kon gelukkig verder. De wegen op Bonaire zijn helemaal niet slecht! |
|


|
Onderweg naar Banos – onze volgende etappe – viel ons op dat Ecuador bijzonder groen is. Ondanks dat vele groen en gras zagen we koeien op de meest onlogische plaatsen op kleine strookjes gras langs de weg vastgemaakt. Het onkruid langs de weg is kleurrijk blauw-geel-wit, het pampagras stilistisch en verder zagen we de Agave overal als afscheiding. De Ecuadorianen kom je in deze omgeving vaker in hun prachtige klederdracht tegen. Het dorp vóór Banos was minder kleurrijk; de juist begonnen eruptie van de Tungurahua vulkaan had het dorp volledig met grauwe as bestrooid. In Banos bleek het vanwege de windrichting gelukkig mee te vallen. Wel was de elektriciteit volledig uitgevallen. Dat bleek echter al relatief snel opgelost, zodat wij na onze verkenningstocht en kleine inkopen aankwamen in een gezellig, normaal verlicht hotel waar de lekkerste warme chocomel wordt gemaakt die ik ooit heb geproefd. De dag na aankomst in Banos hebben we de waterval Manto de la Virgen met de daaronder gelegen wasbekkens bezocht om wat mooie plaatjes te schieten. Ons wasgoed hebben we echter toch maar bij de laundry-service achtergelaten. Natuurlijk hebben we in het plaatsje rondgewandeld waar het op dat moment bijzonder rustig was, zodat we van de ‘hippiesfeer’ niet veel hebben kunnen merken. In de omgeving van Banos wordt heel veel suikerriet verbouwd. In Banos zelf wordt daarvan ‘milcocha’ – een soort toffee – gemaakt aan grote haken aan deurposten van kleine winkeltjes. We konden het niet laten om een kleine verzameling uit het assortiment in te kopen voor thuis. In de middag besloten we te gaan wandelen naar de thermale baden, de spavoorzieningen en het geweldige uitzicht over de stad bij Luna Runtun. Na onze omzwerving wegens de keuze voor een verkeerd pad (welk pad?) de berg op arriveerden we na 2 uur aardig vermoeid bij alle weldaad. Met Engels, Nederlands, Spaans en Handvoetentaal regelden we onze invulling van de middag. Terwijl inmiddels toch het as van de Tungurahua onfortuinlijk neerdwarrelde op het stadje, lieten wij ons inpakken met datzelfde vulkanische as en genoten we van massages, warmwaterbad, lekker eten en geweldig uitzicht. |
|

|
De volgende dag bleek Banos vol as te liggen en zagen we nog steeds nieuwe as neerdwarrelen. Vele mensen met mondkapjes voor waren druk doende om alle as op hoopjes te vegen en in zakken te stoppen. Voor ons stond een ontbijtje, ophalen van het wasgoed en de wandeling naar de busterminal op het programma. Onderweg scoorden we nog enkele T-shirts. |
|
De bus bracht ons naar Quito waarna we met een taxi naar Mariscal gingen – een trendy wijk in Quito waar ons volgende hotel was. Op een of andere manier is het steeds niet gelukt om iets te eten uit de keuken van Ecuador te vinden. Zo ook niet deze avond; we aten Mexicaans – wel erg lekker. Daarna gingen we op pad voor een feest. Dat kun je toch niet raden: een Oranjefeest op uitnodiging van de ambassade. Nieuwsgierig als we zijn wilden we daar wel een kijkje gaan nemen en werden we ‘verrast’ met drankjes, kaasblokjes, haring en bitterballen – allemaal speciaal voor de gelegenheid ingevlogen. Best grappig, overigens ook om met Nederlanders te spreken die zich (tijdelijk) in Ecuador hebben gevestigd. Het feest hebben we betrekkelijk vroeg moeten verlaten, aangezien we om 06:30 werden opgehaald voor de laatste etappe van onze vakantie: het Bellavista nevelwoud. |
|

|
Na aankomst in de prachtige lodge wachtte ons een lekker ontbijt en een ochtendwandeling. Overigens hoefden we voor een behoorlijk aantal soorten kolibries niet te wandelen; de beestjes konden op vaste plaatsen rekenen op suikerwater en ze vlogen in al hun pracht af en aan. Tijdens de pittige tocht zagen we prachtige, aparte bloemen en insecten en werden we door een enthousiaste gids gewezen op vele vogels. Het nevelwoud is heel anders dan het regenwoud; meer licht en daarom ook meer bloemen en insecten. De weersomstandigheden waren fantastisch. De typische nevels hebben we daarom niet echt veel gezien. Na de ochtendwandeling konden we onze cabana in gebruik nemen waarmee we aangenaam verrast werden; een aparte woonkamer met een klein keukentje, een slaapkamer en een badkamer - zo ruim hadden we nog niet gelogeerd in Ecuador. Hier hadden we ook wel langer willen blijven. |
|
Na de lunch gingen we voor een middagwandeling op pad en vanwege de goede ervaringen met de nachtwandeling in het Amazonewoud besloten we ook hier een klein nachtwandelingetje te maken. Bij terugkomst bleek echter ook een indrukwekkende diversiteit aan motten te vinden te zijn in de buurt van het restaurant. |
|

|
De laatste dag begon met een wandeling rond het huisje. We hebben vele soorten vogels en een eekhoorn kunnen bewonderen. Zo zou een mens iedere dag moeten kunnen starten. Na het ontbijt vertrokken we voor onze laatste wandeling – een stevig stukje klimmen wat prachtige panorama’s opleverde, zeker ook omdat het weer opnieuw erg mooi was. Bij terugkomst wachtte ons een lekkere lunch waarna we – het was inmiddels weer wat frisser – weer op weg gingen naar Quito voor onze laatste nacht in Ecuador. |
|
Ook de laatste avond is het niet gelukt om cavia of cuy te eten – dat zullen we tegoed moeten houden. Onze keuze viel op een dichtbijgelegen Japans restaurantje, mede gelegen aan het feit dat de regen met bakken uit de hemel viel. Die avond hebben we nog de foto’s op de laptop bekeken waardoor we de hele vakantie nog eens hebben beleefd. De ochtend erna moesten we – geheel passend voor deze vakantie – om 05:30 uur al opstaan om te beginnen aan een voorspoedig reisje naar huis. |